Raadsbijdrage 13-11-2019. Algemene Beschouwingen 2020.

Vanuit het besef dat de begroting voortborduurt op de kadernota van deze zomer, waarin voor 2020 weinig financiële ruimte beschikbaar was, ligt het niet voor de hand om grootse wensen te uiten. Daarvoor ontbreken simpelweg de nodige middelen.
GroenLinks zal zich in de beschouwing van de begroting dan ook weten te beheersen en enkel een aantal zaken aanstippen die vooral als zoekrichting hebben te gelden.

Ik volg daarbij de volgorde van de programmabegroting.

Over het financieel beleid kan ik kort zijn: er is met man en macht aan gewerkt, om bevrijd te worden van het keurslijf van het preventief toezicht. Het heeft er alle schijn van, dat we daarin zijn geslaagd om nu Samen verder te kunnen Bouwen.

De vele technische vragen ten spijt: de beantwoording had soms aangename verrassingen in petto. Zo weten we nu, dat Sittard-Geleen in vergelijking met Venlo, Maastricht en Heerlen onder andere een beduidend lagere overhead kent, we relatief het minste aantal personen met bijstand hebben, en het allerhoogste scoren voor sociaal ondernemen.

Voorwaar een aantal onderscheidende prestaties, waarover wij met zijn allen trotsheid mogen uitstralen.

Waar wij met zijn allen minder trots op mogen zijn, zijn de omgangsvormen in deze raad. Ik had in juli een motie voorbereid om tot verbetering van de onderlinge verhoudingen te komen. Ik wil dat hier en nu niet verder uitdiepen, maar hoop dat we daarover in het fractievoorzittersoverleg gerichte afspraken kunnen maken.

Bij het programma bestuur en ondersteuning heeft GroenLinks de suggestie gedaan, om een subsidiedeskundige te werven. Iemand die zichzelf dubbel en dik kan terugverdienen. De wethouder gaf in de Ronde aan, voorlopig gebruik te willen maken van de netwerken van de provincie. Die gedachte kunnen wij volgen, maar hebben tegelijkertijd bedenkingen of die afhankelijkheidsrelatie en versnipperde aandacht niet afbreuk doet aan de kansen op extra financiële armslag. Wij zouden er goed aan doen, om de eigen regie te pakken. Onze gemeente kan diverse 'duurzaamheidsfondsen' aanboren voor het financieren van investeringen in milieu- en energiebesparingsmaatregelen. Met deze creatieve fondsen komen niet zelden andere financieringen, zoals subsidies en private investeringsbudgetten, binnen handbereik. Een voorbeeld is het Nationaal Groenfonds.

Een ander voorbeeld zijn gebiedsfondsen zoals Bedrijven Investerings Zones (BIZ) – van, door en voor ondernemers in een binnenstad of op een bedrijventerrein. Daarnaast zijn er ook fondsen voor schoolpleinen en schooldaken. Als uitsmijter noem ik nog de vele miljarden euro’s die in Europees verband liggen te wachten om innovatieve ideeën een boost te geven. Juist in onze omgeving, die bol staat van creativiteit en innovatie, zou daarvan een hefboomwerking kunnen uitgaan. Ik geef het de wethouder nog maar eens ter overweging mee.

Binnen het programma veiligheid wordt fors ingezet op extra middelen. Ook vanuit de samenleving klinkt steeds vaker de roep om meer blauw op straat. Te vaak gebeurt het, dat burgers vergeefs aan de bel trekken, en niets ontmoedigt meer dan geen gehoor te krijgen. Het oplettende oog en oor van onze burger is onmisbaar, om misstanden en criminaliteit de baas te blijven. Maar die signalen dienen dan wel adequate opvolging te krijgen. GroenLinks ziet heil in de beoogde intensivering van de inzet van boa’s, maar wil wel horen, hoe we de effecten hiervan kunnen volgen.

Qua veiligheidsbeleving hebben we de vorige maand stevig te kampen gehad met de opstart van Naftakraker 4. De hinder was voor veel omwonenden ondraaglijk en gevoelens van onrust waren alom aanwezig. Twee weken geleden was ik een van de aanwezigen op het Provinciehuis bij de presentatie van de concept-Veiligheidsvisie van Chemelot. De ingeslagen richting en ambities zijn hoopgevend. Als de raad zich daar begin volgend jaar over mag uitspreken, zal zeker vanuit GroenLinks een kritisch geluid te horen zijn. Dat is overigens iets anders dan aan bangmakerij doen.

Een veel gehoorde klacht bij het thema veiligheid geldt ook het verkeer. Zeer onlangs deelde een schooldirecteur zijn zorgen met mij over de aanhoudende verkeerschaos bij halen en brengen van schoolkinderen. Een problematiek die niet nieuw is, maar tot dusverre nog geen afdoende oplossingen heeft gebracht. GroenLinks dringt er bij de wethouder op aan, om met een soort charmeoffensief te komen voor verkeersveiligheid in en rond de school. Ik heb het dan vooral over de problematiek bij basisscholen.

Wat wel nieuw is, is de extra verkeersdruk rond de rotonde bij Trevianum sinds de opening van Da Capo, die dagelijks zorgt voor chaotische taferelen.

Zo zijn er nog een aantal verkeersknelpunten te noemen, die om een oplossing schreeuwen. Als de portefeuillehouder de urgentie onderkent en in actie komt, hoeft er geen motie aan te pas te komen.

Het thema verkeer en mobiliteit kent meerdere gedaantes. Bij bespreking van de Kadernota heeft GroenLinks met succes het aspect fietsvriendelijkheid benoemd. Helaas moeten wij vaststellen, dat er in de begroting nagenoeg niets over is terug te vinden. Het huidig fietsbeleidsplan dateert van 2008, dus is hoognodig toe aan een actualisatie, en niet alleen waar het de verkeersveiligheid betreft. Het veilig kunnen stallen van de fiets is ook een issue, wat voor veel mensen zwaar telt. De voorbije twee jaar heeft GroenLinks meerdere keren aandacht gevraagd voor de hoeveelheid fietsdiefstallen en het gebrek aan bewaakte fietsstallingen. Ook een actieplan voor de sterk in opmars zijnde elektrische fiets ontbreekt. Het lijkt erop, dat onze woorden aan dovemans oren zijn gericht. Wij dringen er nu echt op aan, om in de hoogste versnelling het fietsbeleid te actualiseren.

Op het gebied van economie hebben wij nog altijd te kampen met het in de ogen van GroenLinks verfoeilijke groei denken: de nimmer aflatende roep om “meer, meer, meer”, waarvoor alles en iedereen moet wijken. Wanneer durven wij eindelijk een grens te trekken, ten bate van de leefbaarheid die toch al zo onder druk staat? De uitbreidingsbehoeftes van Maastricht Aachen Airport, Chemelot, NedCar, de A2, zijn vanuit economisch perspectief allemaal legitiem, maar de overheid dient alle domeinen te bewaken. Toekomstige uitbreidingsplannen, waarvoor nog geen groen licht is gegeven, zullen wij dan ook met argusogen bekijken en met grote terughoudendheid beoordelen.

Bij Maastricht Aachen Airport willen we graag even apart stilstaan. Het is al lang niet meer uit te leggen, hoe we alsmaar weer overheidsgeld pompen in een al decennialang verliesgevende onderneming. Het is toch een veeg teken, dat de huidige exploitant halverwege de rit de concessieovereenkomst opzegt en de aandelen teruggeeft aan de Provincie voor het ontstellende bedrag van € 1 (één euro!!). Sinds het begin van de eeuw is er al € 135 miljoen gemeenschapsgeld in deze bodemloze put gestopt. Het is dan ook onbegrijpelijk, dat er alsmaar ontwijkend wordt gereageerd op verzoeken om tot een MKBA, een maatschappelijke kosten en batenanalyse, te komen.

Het wordt hoog tijd om deze soap te beëindigen, zeker waar het onze rechtstreekse invloed betreft. Zo heeft de gemeente Sittard-Geleen in 2015 het besluit genomen om tien jaar lang 100.000 per jaar bij te dragen aan de exploitatie van Maastricht Aachen Airport. Maar daarbij is wel als voorwaarde gesteld, dat er een verdienmodel voor handen moet zijn, waaruit blijkt dat een commerciële exploitatie van MAA realistisch is en private partijen verklaren dat zij dit verdienmodel willen realiseren.

Nu niet langer voldaan wordt aan deze voorwaarde, is er een geldige titel ontstaan om de overeenkomst op te zeggen. Voor GroenLinks alle aanleiding om een motie in te dienen, waarin het college wordt verzocht om de jaarlijkse bijdrage van € 100.000 aan de luchthaven te beëindigen.

Deze motie wordt mede ingediend door de fractie van 50+.

Overigens heeft GroenLinks al op 9 juli 2015 via een amendement te kennen gegeven, dat het openhouden van een luchthaven geen taak is van de lokale overheid. Helaas kon dat amendement toen niet op voldoende steun rekenen. Nu dus de kans, om alsnog € 600.000 te besparen.

Het zal inmiddels meer dan een jaar geleden zijn, dat een zogenaamde schooldakenrevolutie werd aangekondigd. Een plan, waarbij alle schooldaken voorzien zouden worden van zonnepanelen. Wanneer worden nu eindelijk de eerste groene daken opgeleverd?

Op het gebied van sport, cultuur en recreatie zijn ons een aantal discussies in het vooruitzicht gesteld, waarvan het langzamerhand ook echt tijd wordt, dat we ze met elkaar voeren. Het geduld van muzikanten en dansers, van zwemmers en schaatsers en van de hele gymnastiekwereld wordt al te lang op de proef gesteld.

Het sociaal domein wordt door GroenLinks altijd zwaarbewaakt. Ik herinner me nog als de dag van gisteren onze strijd, om te voorkomen dat de norm voor bijzondere bijstand zou worden aangetast. De regeling Kansen Voor Alle Kinderen kende een groot bereik, waardoor ook de pijn van de onzichtbare armoede kon worden verzacht. Daarnaast zijn er binnen de schuldhulpverlening en schuldsanering stevige stappen gezet, die het leven weer wat kleur geven. Bij meerdere gelegenheid hebben wij ons opgeworpen, om de parkeertarieven bij het ziekenhuis te verlagen. Wij zijn dus als vanzelfsprekend mede-indiener van een motie, die de financiële haalbaarheid daarvan nader onderzoekt.

GroenLinks is verheugd, dat de in het coalitieakkoord vastgelegde afspraak, om een duurzaamheidsparagraaf in de collegevoorstellen op te nemen, inmiddels wordt gepraktiseerd. Hiermee wordt duurzaamheid als vanzelfsprekend betrokken bij de besluitvorming. We zijn benieuwd naar de eerste ervaringen. Verder gaan wij er van uit, dat de ambities op het gebied van duurzaamheid worden waargemaakt. Misschien hebben we zelfs het lef, om ons grondstoffenplan (met een streefwaarde van 100 kg restafval per inwoner per jaar) tussentijds bij te stellen, wetende dat de gemeente Horst aan de Maas koploper is met 23 kg?

Ik ben beland bij het laatste programmaonderdeel van de begroting. Vele fracties zullen hierbij ongetwijfeld de staat van de openbare ruimte noemen. De verlaging naar onderhoudsniveau laag is vorig jaar onder financiële druk noodgedwongen tot stand gekomen. Het is even wennen, dat het onkruid hoger staat, dan ons lief is, en de wegen er soms wat minder fraai bijliggen. Het is een keuze die we moeten durven verdedigen, zolang de veiligheid niet in het geding is, en de zuinigheid van nu, niet leidt tot onevenredig meer kosten in de toekomst. Bij de Kadernota kunnen we bezien, of een differentiatie in het beheerniveau tegemoet kan komen aan de grootste knelpunten. Wij zijn dan ook mede-indiener van de motie die daarvoor een aanzet geeft.

Het zal u niet verbazen dat het vergroenen van de openbare ruimte wat ons betreft niet ver genoeg kan gaan. Kan de wethouder laten weten of effecten van klimaat adaptieve beplanting - zoals prairieplantjes in Lindenheuvel - worden meegenomen in de proeftuin openbare ruimte? Welke indicatoren zijn daarbij zwaarwegend?

Tenslotte het water. Hoe staat het ervoor met de bewustwordingscampagne en de stimuleringsregeling bij het afkoppelen van water op het riool en het verwijderen van verharding zoals de operatie Steenbreek wil bereiken? En het aantrekken van een regionale coördinator daarin? Kan de Wethouder ons laten weten wat het tijdpad is van de uitrol van waterklaar.nl waarbij ik graag erop wijs dat die in Munstergeleen op initiatief van onze fractie succesvol is begonnen.

Op het gebied van woningbouw zou onze fractie wat meer beweging willen zien, waar het gaat om het tot stand brengen van innovatieve woonconcepten als woongemeenschappen, tiny housing en tijdelijke modulaire woningen. En hoe denkt de wethouder over circulair inkopen en het stellen van aanbestedingseisen bij bouw en herontwikkeling?

Ik rond af, en vertrouw erop, dat u de bijdrage van GroenLinks vooral ziet als een steun in de rug, en tevens als een uitgelezen kans beschouwt om de bescheiden wensen van GroenLinks te honoreren. Voor het overige zullen wij ons onverminderd beijveren om onze groenrode idealen voor een duurzaam en sociaal Sittard-Geleen naderbij te brengen.

 

Math de Loo, fractievoorzitter